18 Rembrandt

18 Rembrandt

 

 

          Rembrandt 1606 (?)-1669

              De grote schilders

 

De zelfportretten tonen de historie

van ieder kind dat langzaam ouder wordt

Gelijk een eik die groeit, bloeit en verdort

‘k zie jong en oud en duister licht, een story

 

Zo lang, want hij leeft voort in elks memorie

als Ruysdaels wolkenluchten, ’t Gezicht op Dordt

van Jan van Goyen; doe ik nu Hals te kort

of Steen of Dou, die ’k voel in elke porie

 

of Hobbema, De Hoogh niet te vergeten?

Een ieder heeft zijn favoriet gevonden

door hongerende ogen haast verslonden

 

Vrouwenbonden, busjapanners; u te veel?

Ga dan naar Jan Vermeer, ontroerd gezeten

Verdwijn in ’t blauw en het onpeilbaar geel...

 

 Aar Noordam                       Rijmer des Vaderlands

 

Historische canon (18)

Illustratie:  www.entoen.nu